Wat vinden scholieren zelf van vroege selectie?

laks

Door: Laterselecteren.nu

Volgens de scholierensignalen die het LAKS ophaalt, weegt het selectiemoment op de basisschool zwaar. Scholieren geven aan dat er in de samenleving sterke waardeoordelen hangen aan onderwijsrichtingen – alsof vwo “hoger” of “beter” is dan vmbo. Daardoor voelt het schooladvies en de doorstroomtoets niet als een neutrale stap, maar als een moment waarop je “wordt beoordeeld” voor je toekomst. In de beleving van leerlingen zorgt dat voor spanning en prestatiedruk nog vóór ze aan de middelbare school beginnen. 

Een tweede signaal dat het LAKS noteert: de eerste indeling voelt voor veel scholieren erg definitief, omdat later wisselen van richting niet vanzelfsprekend is. Leerlingen ervaren opstromen vaak als lastig, tijdrovend of soms zelfs kostbaar. Dat maakt de eerste selectie extra beladen: als je eenmaal “in een spoor zit”, is eruit komen niet altijd eenvoudig. 

Los van het selectiemoment zelf beschrijven scholieren in LAKS-onderzoek een bredere toetsdruk. In de LAKS-monitor 2024 – een grootschalig tevredenheidsonderzoek onder scholieren – geven veel leerlingen aan dat het onderwijs sterk draait om toetsen en presteren. Ze herkennen het patroon dat ze vlak voor een toets hard blokken, de toets maken, en de stof daarna weer snel vergeten. Dat ervaren zij als ongezond en weinig leerzaam.  


Deze toetsdruk kleurt ook hoe leerlingen vroege selectie zien: als je toekomst zo vroeg aan toetsen en adviezen hangt, wordt toetsstress automatisch groter. 

In de Meerjarenvisie 2024–2029 staat “later selecteren en minder segregeren” expliciet als één van hun hoofddoelen.  

Daarbij pleit het LAKS voor brede brugklassen en brede scholengemeenschappen als norm. De gedachte is dat leerlingen dan langer samen beginnen en meer tijd krijgen om te groeien, voordat er definitief wordt gekozen.

Bron: LAKS

Andere artikelen